Giftige werkplekken, ongemakkelijke gesprekken

Leren van Zoe Papaikonomou


De laatste tijd houd ik her en der gloedvolle betogen — tegen vrienden in het onderwijs, bij vakbonden, bij gemeenten, in bestuurskamers — over hoe ik denk dat we de vaardigheid zijn verloren om het werkelijk ergens over te hebben met elkaar. Zeker wanneer er een grondig verschil van mening is schrikken we daar eerder van terug, of ageren we ertegen. Maar het echt aangaan, nieuwsgierig zijn naar de ander, het samen willen uitzoeken, elkaar pogen te begrijpen, tot overeenstemming komen — dáár gaat het om. Ik voel er een enorm vuur bij, een missie.

We kijken met z'n allen – of althans een groot deel van ons - huiverend naar oprukkend autoritarisme en naar wat we inmiddels wat sleets 'de polarisatie in de samenleving' zijn gaan noemen - sleets omdat de term zo vaak gebruikt wordt, maar daarom nog niet minder reëel.

Dat onvermogen om met elkaar te spreken over grondslagen, over moraal, over inclusief samenwerken, over ‘common ground’ zie ik groot en klein; in (nieuwe) teams, in grote organisaties, onder leidinggevenden en besturen, tot de politiek en de media. Soms lijkt de opmars van autocratische tendenzen ook in het werkende leven op te leven, een vrijbrief te worden voor dominant of uitsluitend gedrag. Het is wel een keer klaar met dat inclusieve gedoe. Opzouten. We moeten door.

Ik ondervind het zelf ook. Ik word gevraagd beweging en verandering te brengen — en misschien zoek ik die omgevingen op, of zij mij. Maar zodra het er werkelijk op aankomt, als je ook zélf moet bewegen en men echt anders met elkaar moet omgaan, is dat veelal precies niet de bedoeling. Dan ben je al snel niet meer de gewenste veranderaar, maar de dissonante stem, die lastige ánder. Het woord voor wat er dan gebeurt is 'othering'. Daarover een andere keer meer: over hoe dat werkt, en hoe dat voelt.

Wat me hoopvol stemt: we weten al heel lang heel veel over hoe het anders kan. Al heel lang! Ik zou kunnen beginnen bij Hannah Arendts banaliteit van het kwaad, iets recenter ;-) werd ik tien jaar geleden heel optimistisch van ‘Deep Diversity’ van Shakil Choudhury (een tip van DD-tijger Christien Oudshoorn). Daar ontbrandde mijn liefde voor Deep Democracy en CoResolve (dank ook aan tijger Maud Halkes). Zoals collega's van Human Dimensions het verwoorden: het gaat over vrijmoedig spreken en openhartig luisteren, omgezet in een concrete manier van samen onderzoeken. Juist in ongemakkelijke groepsgesprekken. Die manier van denken en werken is sindsdien 1 van mijn grondslagen. Maar daar kan nog meer wijsheid bij.

Dit weekend stuurde Helen Schultz van Lodiers en partners mij het nieuwste boek van Hans van der Loo toe Caroline Koetsenruijter toe. Hans ken ik al langer als hele gedegen psycholoog, die onderzoek in praktische handvatten vertaalt. Het onderwerp van dit boek sluit mooi aan bij de Ongemakkelijke Gesprekken Survivalgids, waarvan ik de lancering (al in 2024!) bijwoonde in het Wereldmuseum (op uitnodiging van Mireille Oliveira). Een prachtige en hoopvol stemmende middag, waar Babs Gons een beeldschoon gedicht voordroeg over hoe ontheemd je je kunt voelen als je niet gezien wordt voorbij het stereotype. Overigens is 1 van de schrijvers, Zoe Papaikonomou — zeer het volgen waard, zij ageert heel effectief tegen stereotyperende of ronduit toxische krantenkoppen.

Beide boeken pak ik dit weekend erbij. Niet als theoretische oefening, maar omdat grondig en wezenlijk met elkaar in gesprek komen — en tot een werkelijk vergelijk komen — met de dag noodzakelijker wordt. Dapper voorwaarts!